donderdag 9 juli 2020

We hebben Mazzel

Een vrolijke dwarrel van nu zo'n tien maanden oud. Als waardig opvolgster van onze Nimby, dartelt ze nu al een ruime tijd op ons erf. Bruin-wit, flapperende oren en een pluizige kwispelstaart. Een Engelse Springer Spaniel. Niet geheel raszuiver, maar een kniesoor die daar op let.
Van een schattig pluizig puppy is ze nu inmiddels een eigenwijze hondenpuber. want bij tijd en wijle is het volstrekt onduidelijk waarvoor die twee flappers aan de zijkant van haar koppie nu precies dienen.
Een jonge hond in huis zorgt voor de nodige uitdaging. Ik ben inmiddels aan mijn derde zonnebril toe. Ik weet nu dat slippers ook versnipperd kunnen worden, en de bank is blijkbaar erg smakelijk.
De katten worden het ene moment plat geknuffeld en een volgend moment weer de gordijnen in gejaagd, na eerst in samenspanning dat stuk kaas van het aanrecht te hebben verschalkt. 
Oh kijk, een hap uit een kookboek, ze heeft het blijkbaar niet zo op de veganistische keuken,  oh en alle manden in huis zijn inmiddels aan vervanging toe. 
Maar gezellig is het wel, zo'n springerige haarbal om ons heen. En springen doet ze. We hebben het hek al een paar keer opgehoogd. Want het is niet zo handig om een hond in de achtervolging te hebben als je naar school fietst. 
In elk geval kom ik wel weer aan mijn tienduizend stappen toe, hebben we inmiddels ervaring met het fenomeen puppycursus en kom ik op de gekste plekken begraven botten in de tuin tegen. Kortom, wij hebben Mazzel!

donderdag 2 juli 2020

Hooi

Of ik nog hooi af land kon gebruiken.
Ik had iets van ja gezegd, bij het afleveren van de vorige vracht een maand of wat geleden. Koeien zijn grootverbruikers van hooi. Zeker nu het gras niet zo lekker wil groeien vanwege de droogte. Ze eten al snel een pakje per dag. En dat kan natuurlijk aardig in de papieren lopen.
Hooi af land is altijd gunstig. Hooi af land, betekent dat het direct na het persen op de wagen is geladen, en naar de klant wordt toe gebracht. Het hoeft dus niet eerst een tijdje in de schuur op te worden geslagen. Dat scheelt. Werk, maar ook in de prijs. Hooi af land is dus altijd interessant.
Ja doe maar zei ik.
Hooien doe je als de zon schijnt, en in het zwembad liggen ook. Dus toen we op een zonnige zaterdag ineens een trekker het erf op hoorden rijden was het even snel om kleden. Als is hooi af laden in korte broek niet bepaald aan te raden. Maar ja een lange broek met 34 graden is dat ook niet echt.
Honderd pakjes doen? Nou, dan kunnen we de stal niet meer in vrees ik. Doe er maar vijftig.Dat is voor nu genoeg.

We kunnen weer even vooruit!


https://drive.google.com/uc?export=view&id=1QK2-JvNloOobSVNYHaxtoTngiHpdSnvXhttps://drive.google.com/uc?export=view&id=14fyfGDnSlXHddufOV3SRm6kLcQLmlg8xhttps://drive.google.com/uc?export=view&id=1W_9HnHcBUTAyAMVJBtUVCdniabnKlwwWhttps://drive.google.com/uc?export=view&id=1JIiA8OtgoAlNQDSNOyJoY8soPCeFbDwT


donderdag 4 juni 2020

Welkom in de buurt!

Warm vandaag! Ik stond te zweten op het puppycursus veld, mijn dochter scoorde ondertussen records met legofriendsracen op mijn telefoon en mijn hond deed of haar neus bloedde. Die Corona heeft toch een lichte leerachterstand bij ons monstertje opgeleverd.
Maar goed, nu naar huis. We hebben wel een ijsje verdiend. Minstens een dubbellikker. Ik draai de auto het erf op, en rij recht in een wolk rondzoemende bijen. Oeps! Een zwerm!
Geen bijenspullen Bij de hand natuurlijk. Even bellen. Niemand bereikbaar. Hup gauw terug in de auto spullen halen. Een zesramertje, schepkorf-dringend-aan-vervanging-toe, roker, en vooral imkerkleding met kap!
Vliegensvlug heen en weer in de hoop dat de zwerm intussen niet de kuierlatten neemt. We hebben geluk, ze hang er nog. Een dikke kluwen bijen hangt innig verstrengeld met de vlier op -je-hebt-een-keuken-trapje-nodig-hoogte.
Nouja die hebben we gelukkig legio, in verschillende hoogten, dus dat is snel geregeld.
Maarja, hoe schep je nou een zwerm? Ik heb het nog nooit gedaan, wel over gelezen natuurlijk, en in de cursus kwam het ook ter sprake, maar dat is toch heel iets anders dan het zelf doen. Maar goed zoals de oude wijze Pipi Langkous al stelde; ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.
Mijn dochter in een imkerpakje maat 128 wil wel filmen. "Ja mama, met het pak aan zegt het stemmetje in mijn hoofd dat ik wel veilig ben, dus dat durf ik best!"
Goed, de ladder op. Mijn hoofd barst nu al uit elkaar van de hitte. Ik heb een zachte bezem waarmee ik de zwerm in de korf probeer te vegen. Probeer, want het lukt voor geen meter. De zwerm hangt niet elegant aan één takje, nee ze zit verspreid over de verschillende takjes van de vlier. Dus ik klem de schepkorf maar zo goed en zo kwaad als het kan tussen mijzelf en de trap en begin de zwerm met mijn gehandschoende handen in de korf te scheppen. Dat gaat beter, maar ik moet nog een keer of zes de trap op en af om de korf in het gereedstaande zesramertje leeg te kloppen. Het is een lichte bijenchaos, dus ik hoop maar dat ik hare majesteit ook mee heb kunnen scheppen, anders hangt het volk zo weer in de vlier. 
Op hoop van zegen dan maar, en even afwachten. En tegen de avond lijkt het alsof de missie dus toch is geslaagd en de damesbij zich genoeglijk genesteld hebben in hun nieuwe huis. Welkom in de buurt! 

woensdag 3 juni 2020

Een kuiken in de keuken

Zo zaterdagochtend, een rondje door de tuin. Kop koffie, zonnetje. Gepiep. Gepiep op een rare plek. Is er een kuikentje verstrikt geraakt? Ik zie niks, niet buiten de ren, niet in het hok. Maar ik blijf het horen. Een paar dagen geleden is er een kloek met kuikens te voorschijn gekomen. Maar moeder en haar kroost zijn in geen velden of wegen te bekennen. Maar ik hoor wel gepiep. Zeer luidruchtig, niet te missen gepiep. Ik kijk naar beneden en daar, aan mijn voeten tussen de eierschalen, ligt een nat kuiken. Vers uit het ei. Luidruchtig, maar kwetsbaar. Door de warmte een uitgekomen nakomertje.Tja wat doe je dan. En zo zat ik daar, met dat kuiken in mijn hand, in mijn digitale Chinese les, want tja, dat begon ook precies op dat moment.


Vanaf dat moment hadden we dus een kuiken in de keuken. Warme kruik, oude handdoek, beetje water, wat kruimels. En een boel aandacht. Van de katten. Van de hond. Al is dat niet de meest heilzame aandacht voor een klein pluizig krielkipkuikentje. Dat vergt dus enige waakzaamheid.

Pluisje laat goed van zich horen. Feitelijk is ie alleen maar stil als je of haar/hem oppakt, of wanneer het donker in huis is. Maar ja, de hele tijd met zo'n kuiken rondlopen is ook zo wat. Al is zo'n zich in je hand opkrullend donsballetje wel het toppunt van schattig.
Maar ja een kuiken hoort nu eenmaal niet in de keuken. En nee ik ga het nu niet over piepkuikens hebben. Een kuiken is het best op zijn plek, onder moeders vleugels. Maar ja, dan moet ie wel kunnen meekomen.
Vanochtend dacht ik, nu kan het wel, en bij mijn tweede poging werd Pluisje geaccepteerd door de kloek. Zes donsballetjes lopen er nu. Drie bruin, drie geel.

dinsdag 5 mei 2020

Mos is ook groen

Je hebt mensen met een gazon, en je hebt mensen met een veld. Je mag een keer raden tot welke categorie ik behoor. Ik vind alle verrassingen, paardenbloemen, madeliefjes, over het algemeen een grote aanvulling tussen het gras. Van mij hoeft het overigens ook niet zo kort. Dat gras Maar daarover verschillen de meningen hier thuis.

Waar ik me wel over verbaas, is in de lokale Boerenbond, een heel schap met producten waarmee je je gras groener dan groen kunt krijgen. Verticuteer dingensen, mest, kalk, weet ik wat nog meer, alles voor uw ultieme biljartlaken. Je kunt maar een ambitie hebben.

Als ik een eerlijke blik op ons gras werp, moet ik bekennen dat er van alles groeit, behalve gras. Maar goed, he mos is ook groen!

Meer tuin dan tijd

Ik heb meer tuin dan tijd. Omdat het meestal het beste werkt, om maar gewoon eerlijk te zijn, stellen we dat gelijk maar even vast. Ik ben er dan ook heel erg goed in, om voortdurend achter de feiten aan te lopen. Dat heeft er ook iets mee te maken, dat mijn ambities zelden in lijn zijn, met het aantal beschikbare uren in een dag en ik wat dat aan gaat, ook best wel een beetje hardleers ben.
Maar goed, het helpt dan wel, om je stijl van tuinieren er een beetje op aan te passen. Wij hebben zeg maar een natuurlijke tuin. Zeer geschikt voor allerlei erfdieren, aldus een onderzoeker. Lees: er zijn genoeg ruimtehoekjes, incasu brandnetel bosjes. En het is bepaald niet aangeharkt. Dat is trouwens niet uit bedoeling, maar heeft er meer mee te maken dat ik er zeg maar niet aan toe kom. In de tuin zitten, en ervan genieten is immers ook belangrijk.
Manlief heeft de boel het liefst een beetje gestructureerd, gladde grazige gazonnetjes. Je hebt immers niet voor niets een zitmaaier.  En dus elke lente, als de maaier weer uit de schuur mag. Kan je mij met wijzende armen aantreffen: neeeeeee, niet de paardebloemen, en neeeeee, daar staan juist van die leuke korenbloemen. Enfin tijd voor een compromis, een stukje waar hij mag maaien en een stuk waar ik de boel, de boel mag laten.